Vraag & antwoord
Overstappers (Vensters PO)
Geplaatst door Kennisnet op 07 december 2015 13:14:29
Definitie

De indicator geeft informatie over de tussentijdse in- en uitstroom en doorstroom binnen de school.

Basisinformatie

Basisinformatie is:

  • Tussentijdse in- en uitstroom;
  • Tussentijdse in- en uitstroom in percentage.

Extra informatie

Extra informatie is:

  • De verblijfsduur van de overstappers.

Vergelijkingsgroep

De vergelijkingsgroep voor deze indicator bestaat uit scholen het dezelfde onderwijstype.

Databron

De leerlingengegevens in het basisonderwijs vanaf 1-10-2010 zijn volgens 1-cijferbestand PO (Wet op het primair onderwijs) en komen uit BRON (Basisregister Onderwijsnummer).

Berekeningswijze

 De berekening zijn gemaakt in opdracht van de PO-Raad, op basis van de onderstaande berekeningswijzen.

Tussentijdse in- en uitstroom: De tussentijdse in-, door en uitstroom wordt in totaal weergegeven, per onderwijstype en per bouw (onder (leerjaar 1-2), midden (leerjaar 3-5), boven (leerjaar 6-8). Tussentijdse uitstroom wordt ook weergegeven naar de gemiddelde verblijfsduur van uitstromende leerlingen. Afhankelijk van de categorie worden gegevens uit t-1 of t gebruikt. Voor tussentijdse uitstroom worden de gegevens (leerjaar en verblijfsduur) op t-1 gebruikt, voor tussentijdse instroom de gegevens op t. Dit geldt ook voor de bepaling van de percentages, het percentage tussentijdse uitstroom vanuit school A is stroom X, gedeeld door Q (het aantal leerlingen op school A op t-1, dat op t-1 en op t in het PO zit). Het percentage tussentijdse instroom op school A is stroom Z, gedeeld door V (het aantal leerlingen op school A op t, dat op t-1 en op t in het PO zit).

Alleen de leerlingen die in twee opvolgende jaren op dezelfde school zitten worden meegenomen in de bepaling van de percentages kleuterverlengers, kleuterversnellers, zittenblijvers en doorstroom leerlingen. Leerlingen die verhuizen worden dus niet meegenomen, maar eruit gefilterd.

Percentage kleuterverlengers: Het aantal leerlingen in leerjaar 2, waarvan de leeftijd op 1 oktober 6 of 7 en het aantal verblijfsjaren in het basisonderwijs 3 of 4 is. Dit aantal wordt gedeeld door het totaal aantal leerlingen in leerjaar 2. De percentages van drie opvolgende schooljaren worden bij elkaar opgeteld en gedeeld door drie, waarmee het driejarig voortschrijdend percentage wordt berekend; dit wordt weergegeven. Bijvoorbeeld, voor 2011 wordt gekeken naar de gemiddelden van 2011, 2010 en 2009. Deze berekening is conform de berekening van DUO.

Percentage kleuterversnellers: Het aantal leerlingen in leerjaar 3, waarvan de leeftijd op 1 oktober lager dan 6 en het aantal verblijfsjaren in het basisonderwijs 1 of 2 is. Dit aantal wordt gedeeld door het totaal aantal leerlingen in leerjaar 3. De percentages van drie opvolgende schooljaren worden bij elkaar opgeteld en gedeeld door drie, waarmee het driejarig voortschrijdend percentage wordt berekend; dit wordt weergegeven. Bijvoorbeeld, voor 2011 wordt gekeken naar de gemiddelden van 2011, 2010 en 2009. Deze berekening is conform de berekening van DUO.

Percentage zittenblijvers: Het aantal leerlingen in leerjaar 3 tot en met 8, dat in twee opvolgende 1 oktober tellingen op dezelfde school in hetzelfde leerjaar voorkomt. Dit aantal wordt gedeeld door het totaal aantal leerlingen in leerjaar 3 tot en met 8. Dit wordt voor de laatste twee schooljaren bepaald. Deze berekening is conform de berekening van Inspectie.

Doorstroom leerlingen Het aantal leerlingen in leerjaar 3 tot en met 8 dat op t-1 op de school onderwijs volgde en waarvan op t wordt bepaald in welke mate zij op dezelfde school doorstromen. Daarbij vallen zij in één van de volgende categorieën:

  • Doorstroom: op t-1 in leerjaar-1 en op t in leerjaar;
  • Versnelde doorstroom: op t-1 in leerjaar-2 of leerjaar-3 (of enz.) en op t in leerjaar.
  • Zittenblijven: op t-1 in leerjaar en op t in leerjaar.
  • Uitstroom leerjaar 8: op t-1 in leerjaar 8, op t niet in het PO.

Validiteit en betrouwbaarheid

De leerlingenaantallen zijn gebaseerd op een voorlopige of defintieve foto uit BRON (momentopname uit Basisregister Onderwijsnummer). De voorlopige foto bevat gegevens welke nog niet zijn goedgekeurd door de accountant. Aan het einde van elk schooljaar ontvangt DUO een definitieve, door de accountant goedgekeurde, foto uit BRON. Op basis hiervan worden de definitieve leerlingaantallen vastgesteld.

Toelichting

Tussentijdse in-, door- en uitstroom: leerlingen die op twee peilmomenten (1 oktober op t-1 en 1 oktober op t) binnen het PO-veld aanwezig zijn , gelden als tussentijdse in-, door- en uitstroom.

Als een leerling van buiten het PO instroomt, of uit het PO vertrekt, dan is sprake van reguliere in- en uitstroom. De tussentijdse in-, door- en uitstroom wordt op instellingniveau bepaald en op schoolniveau weergegeven. Waar het hieronder over school gaat wordt dus bedoeld: op instellingsniveau bepaald en op schoolniveau weergegeven.

Tussentijdse instroom: leerlingen die op jaar t-1 op school B zaten en op jaar t op school A zitten, is voor school A tussentijdse instroom.

Tussentijdse uitstroom: leerlingen die op kaar t-1 op school A zaten en op jaar t op school C zitten, is voor school A tussentijdse uitstroom. N.B. een leerling die tussentijds in- en uitstroomt is dus tegelijkertijd in- en uitstroom, voor de school waar hij vandaan komt is de leerling tussentijdse uitstroom, voor de school waar hij naartoe gaat is hij tussentijdse instroom. In het stroomschema is stroom X voor school A tussentijdse uitstroom, voor school C tussentijdse instroom, stroom Z is tussentijdse instroom voor school A en tussentijdse uitstroom voor school B.

Tussentijdse doorstroom: leerlingen die op dezelfde school op jaar t-1 en op jaar t voorkomen.

Gemiddelde verblijfsduur: de gemiddelde verblijfsduur op de instelling in jaren.

Versnelde doorstroom: leerlingen die op t-1 in leerjaar-2 of leerjaar-3 (of enz.) en op t in leerjaar voorkomen. Zittenblijven: leerlingen die in twee opvolgende schooljaren op dezelfde school in hetzelfde leerjaar voorkomt. Kleuterverlenging: leerlingen in leerjaar 2, waarvan de leeftijd op 1 oktober 6 of 7 en het aantal verblijfsjaren in het basisonderwijs 3 of 4 is.

Kleuterversnelling: leerlingen in leerjaar 3, waarvan de leeftijd op 1 oktober lager dan 6 en het aantal verblijfsjaren in het basisonderwijs 1 of 2 is.

 


Reacties (0)